dinsdag 5 december 2017

December

De winter betekent voor mij vooral binnen blijven; mijn spieren verdragen nu eenmaal geen koude. Toch is het geen periode om tegenop te zien. Met de jaren weet ik ondertussen wat werkt voor me en wat niet, wat ik aankan en waar ik beter niet aan begin.




Een gezellige sfeer in huis is voor mij het uitgangspunt. Die draagt bij tot een goede gemoedstoestand, daar ben ik van overtuigd. In de donkerste periode van het jaar fleuren talrijke lichtjes, kaarsen, kerstboompjes, kerstballen en slingers dan ook onze huiskamer op. Ik kijk ernaar en ben in mijn nopjes, het maakt mijn hart blij. Zo simpel kan het zijn.
Maar met alleen kijken, kan ik mijn dagen niet vullen. Ik zoek voldoening in iets. Nu het op het gebied van het schrijven iets rustiger is, staat de deur open voor een nieuwe uitdaging.
Het wordt zoeken…




In mijn jeugdjaren kocht ik al kaartjes met daarop inspirerende teksten. Ik was erdoor gefascineerd en kleefde ze in een schriftje. Ze gaven me hoop op momenten dat het iets minder ging, of ze deden me nadenken over het leven.
Nog steeds hecht ik belang aan quotes en mooie kaartjes. Mijn focus heb ik ondertussen verlegd naar de sociale media. Ook daar vind je talrijke plaatjes met aanmoedigende spreuken of citaten die aanzetten tot nadenken.
Misschien moet ik iets met dit jeugdsentiment?




Een kleine maand geleden hakte ik de knoop door; ik ging van start met een facebookpagina met daarop voornamelijk zelfgemaakte plaatjes. Ik zocht nieuwe fotobewerkingsprogramma’s op het internet en leerde ermee werken. Ik was gemotiveerd, nog steeds.

Het is mijn drijfveer om ’s morgens op te staan. Ik zie er telkens naar uit om een nieuwe creatie te maken, de ene al wat tijdrovender dan de andere. Het lijkt een samenloop van verleden en heden met een positief resultaat. Een uitkomst die me vreugde schenkt. 

Meer kaartjes vind je op mijn facebookpagina Plaatjes/Kaartjes Circle of Life via onderstaande link. Je kan de pagina liken of volgen om op de hoogte te blijven, waarvoor dank. 



 ðŸ˜‰


donderdag 16 november 2017

Herfst in Kattenland

Buiten is het koud, binnen is het lekker warm. Nala staat voor een dilemma! Hoewel ze graag buitenshuis vertoeft, lonkt de gezelligheid van de huiskamer. Hoe heerlijk is het toch om voor de kachel op het tapijt te liggen, om die warmtestralen op haar zachte vacht te voelen...

Wanneer ze het warm genoeg heeft, trekt ze naar haar mandje. Ze neemt een ommetje, en houdt halt aan de zetel waarin ik lig. Zonder miauwen kijkt ze me vragend aan. Natuurlijk geef ik haar die aai waarop ze doelt. Echter ze wil meer. Haar ogen richt ze op het dekentje dat uitgespreid over mijn benen ligt. ‘Neen Nala. Mandje,’ zeg ik haar. En geloof het of niet, ze druipt af richting mand.

Na een korte rustpauze houdt ze haar stekje voor bekeken. Ze zoekt een uitdaging. En die vindt ze in de tuin, toch voor even. Maar de vogels zijn niet meer zo talrijk als in de zomer. Ze mist de vlinders, de vliegen, de bijen. Ook haar kattenvriendin zit minder buiten. Ze mist hun babbelmomentjes samen.

Ik krijg medelijden met haar en zoek een oplossing. Het liefst van al zit ze in de veranda en volgt ze de resterende bedrijvigheid in de tuin op door de ramen. Maar het is koud in de veranda. Ik besluit de vensterbank in de living vrij te maken, te voorzien van een tapijtje om er Nala vervolgens regelmatig op te zetten. Het duurt niet lang vooraleer ze zich dit plekje toe eigent. Vanuit de hoogte kijkt ze op Nelson neer en maakt hem duidelijk dat hij niet moet proberen haar nieuwe plekje in te palmen. Nelson is er gerust in. Zolang hij tijdig zijn eten voorgeschoteld krijgt, maakt hij zich nergens zorgen om. Voor hem moet het allemaal niet zo spectaculair zijn.

De rust in huis is inmiddels teruggekeerd. Nala lijkt tevreden. Van de vensterbank slentert ze naar haar mand, zo gaat ze heen en weer. En doen de baasjes een middagdutje, dan lonkt het dekentje. Zou ze? Ja? 'Als de baasjes slapen, merken ze het niet eens,' denkt ze. 'Dus waarom zou ik mijn kans niet wagen!' 😉




maandag 13 november 2017

Herfstdagen en eten

Gisteren was een echte herfstdag! Zo’n donkere, miezerige dag waarop ik eerder verkoos door het raam te kijken dan zelf buiten te komen. De gierende wind was nefast voor de vele bladeren. Waar het bladentapijt zich bevond, was het koud. Binnenshuis was het lekker warm.
Ik hou wel van die dagen. Vooral als het in huis gezellig is; een sfeerlicht, een kaarsje, een deugddoend dekentje, … allemaal attributen die bijdragen aan een knus geheel.


Terwijl ik vervolgens comfortabel in de zetel lag, omringd door een behaaglijke sfeer, kreeg ik zo nu en dan trek in een lekkere versnapering. Naast de gezonde, gedroogde vruchten die ik maar beperkt mag eten, waren er ook de gesuikerde picknicken van Sint-Maarten, de overheerlijke chocoladefiguren en de smaakvolle klaaskoeken. Alles wat ik proefde smaakte verrukkelijk! Daarnaast dacht ik aan pannenkoeken en wafels en aan de welriekende geur die het bakken ervan in de woonkamer zou verspreiden. Ook de talrijke stoofpotjes, die ik op het internet zag passeren, deden me watertanden.
Vooral 'eten' houdt me in deze koudere maanden bezig en de weegschaal protesteert.




‘Eten’ was verleden week ook de titel van een korte schrijfopdracht die ik online vond. En ik had tijd en zin om te schrijven.
Ik wil mijn schrijfsel graag met jullie delen.
Misschien besluiten jullie, na het lezen ervan, wel dat mijn ‘lievelingsgerecht’ deze week op jullie menu komt te staan. Indien het zo zou zijn, wens ik jullie alvast 'Smakelijk eten' toe! 


Schrijfopdracht - Eten

‘Wat is je lievelingseten?’ vroeg mijn schoondochter me verleden week.
Mijn antwoord kwam onverwijld.‘Geef mij maar een lekker biefstuk, medium gebakken, met fijn gesneden, verse frieten. Niet zo’n taai stuk vlees waardoor ik veel kracht op mijn mes moet zetten, maar een filet pur waar zelfs het botste mes moeiteloos doorheen glijdt. Zo’n mals stuk dat bovendien sappig in de mond smaakt. De smeuïge champignonsaus mag natuurlijk niet ontbreken. Niet voorverpakt uit een zakje of kant en klaar uit een Tetra pak. Neen, de champignons moeten vers zijn - gesneden in kwartjes - en daarna gebakken in een ruim plak boerenboter. De gebakken partjes laat ik het liefst zwemmen in volle room.’
Ik likte mijn lippen met mijn tong en proefde het gebakken vlees, de romige jus en knapperige friet in de mond.
Ik overweeg, de volgende keer bij het klaarmaken van dit gerecht, wel om light room te gebruiken,’ voegde ik er haast verontschuldigend aan toe.
‘Ja, ja,’ glimlachte mijn slanke schoondochter, ‘dit lijkt mij een goed idee.’

‘Schat,’ zei manlief, ‘eten we morgen nog eens steak champignon met verse frietjes? Ik ga morgen even langs de supermarkt. Je verkiest de veertig procent room, is het niet?’
‘Inderdaad lieverd,’ bevestigde ik en een stemmetje in mijn hoofd zei 'Volgende keer…...'

zaterdag 4 november 2017

Terugblikken en achterwege laten

Een schrijfoefening op het internet met als titel ‘Mijlpalen’ trekt mijn aandacht. Er wordt gevraagd te schrijven over een moment waarop je leven een andere wending nam, of je ervoor gekozen hebt of niet. In mijn hoofd rinkelt een belletje. Ik herinner me wel zo’n moment; ik draag er blijvend de gevolgen van. Het voordeel van dit schrijfsel is dat een schrijfcoach je werk naleest en feedback geeft, en dat is mooi meegenomen. Als het op schrijven aankomt wil ik tenslotte bijleren en evolueren.

Mijn vingers glijden vlot over het toetsenbord. Mijn verhaal zit nog steeds in mijn hoofd.

Wat ik toen niet wist, was dat dit het startsein zou zijn van een lange zoektocht naar een diagnose. Spierzwakte en verlammingen waren er dagelijks. Van stress en conversiestoornis, misschien epilepsie, neen geen CVS tot we weten het niet… Van een actieve, bezige bij tot een slak die bij momenten stilstond omdat niets nog lukte. Eerst kwamen er krukken, dan werd de rolstoel geïntroduceerd. Ik haatte het, maar wat moest ik doen? Ik was radeloos.
Mijn geloof, dat ooit de dag zou komen dat alles duidelijk werd, is er altijd geweest. Ook al waren er golven van tranen. Mijn gevecht tegen onmacht leidde met tijd tot aanvaarding. Dan pas zag ik mogelijkheden in plaats van moeilijkheden. Ik vond het ontbrekende puzzelstukje.
Inmiddels is het zes jaar geleden. De weg was lang en hobbelig. Diepe valkuilen deden me twijfelen of een leefbaarder leven een haalbaar doel was. Strijdlustig kwam mijn doelstelling binnen handbereik. Een scooter zorgde voor vrijheid, ik ontdekte het schrijven, …. Ik zette de nieuwe deur op een kier, en opende ze meer en meer.
Nogmaals schreef ik mijn verhaal. En bij iedere lijn die ik typte, werd mijn gevoel van ergernis groter. Nadenkend over wat zich diep in mij afspeelde, kwam ik tot de conclusie dat ik mijn verhaal intussen genoeg keren heb verteld. Ik wil verder. Ik ben meer dan mijn ziekte.

De deur staat inmiddels wagenwijd open. Er zijn veel mindere momenten, maar daarnaast ken ik een rijker leven. Ik bewandel niet langer het vertrouwde pad, maar durf me te wagen op onbegane wegen. Ik leer de rust en het gewone te appreciëren, het kleine te waarderen. Ik geniet van een scootertocht, merk de natuur op. Ik ben leergierig als het op schrijven aankomt… Ik geloof stellig dat er nog mooie dingen in het verschiet liggen.

Misschien moeten we af en toe eens stilstaan op onze weg, en nadenken of we nog op de juiste zitten. Onverwachts komt anders die mijlpaal die ons geen keuze laat. 

vrijdag 20 oktober 2017

Heerlijke klaaskoeken

De geur van koffie kwam me via de traphal tegemoet toen ik deze morgen de slaapkamerdeur opentrok. Ik sloot kort mijn ogen en snoof even het intense aroma op. Ik glimlachte.
Zittend aan de keukentafel vroeg ik me af waarmee ik mijn dag zinvol kon vullen. Misschien wat kokkerellen in de keuken? Een krentenbrood had ik twee weken geleden al gebakken. Moest ik me deze keer aan een suikerbrood wagen? Of aan klaaskoeken? Met Sint-Maarten en Sint-Niklaas voor de deur leek me dit een goed idee.

Het bakken heb ik van mijn grootmoeder meegekregen. Ik zag in de vakantie telkens naar de vrijdag uit, het was de dag waarop mijn mémé altijd wel iets bakte. Nu eens waren het pannenkoeken, dan weer boterkoeken of brood. Soms zat de smaak en luchtigheid goed, andere keren was het gebak iets aan de droge en harde kant. En had ze het juiste evenwicht eindelijk gevonden, dan probeerde ze de volgende keer toch een nieuw recept en knabbelden we opnieuw wat langer.
Het waren fijne momenten waar ik vreugdevol en dankbaar aan terugdenk.

Het bakken is, wegens te energierovend, niet altijd mogelijk. Maar zo nu en dan kriebelt het en wil ik toch aan de slag. Ook vandaag, als de koude wind waait en de warmte die de kachel uitstraalt om nog meer gezelligheid vraagt. En gelukkig zijn er fantastische hulpmiddelen; een goede kneedmachine die al het zware werk voor me doet en een trippelstoel waarmee ik vlotje in de keuken rond toer.

Het komt er steeds op aan om een goed recept te vinden én de benodigdheden correct af te wegen. Voor mijn krentenbrood zweer ik voortaan bij Jeroen Meus. Hij heeft me overtuigd dat je luchtigheid kan bekomen door eerst het ei, vooraleer je het bij de andere ingrediënten voegt, goed op te kloppen. Voor de klaaskoeken grijp ik deze keer naar het recept van SOS Piet. Weliswaar beslis ik ook nu het ei eerst op te kloppen voor ik het aan het deegje toevoeg. Misschien is dit deze keer overbodig, toch doe ik het.
En na het gedane werk is het afwachten op het resultaat!

Mijn vriendin, waar ik deze morgen nog mee chatte, zei me ‘laat de geur maar tot bij mij thuis komen’. Eens het deeg in de oven bakte, moest ik constant aan haar denken. Zo’n overheerlijk ruikende, zoete kaneelgeur kwam me tot in het salon tegemoet. Ik watertandde.

Het mag gezegd: deze keer zijn ze echt geslaagd! En ik proefde er al eentje voor.
Heb ik jullie overtuigd en willen jullie ook graag genieten van deze lekkernij?
Hieronder volgt het recept.
Voor mij is het hoogtijd om te rusten, maar straks laat ik me bekoren door nog een koek met een dampende kop chocolademelk!






Recept SOS Piet:

  • 2,25 dl melk
  • 500 gr bloem
  • 1 ei (ik klopte het ei eerst schuimig)
  • 40 gram verse gist (ik nam 14 gram droge gist)
  • 100 gram boter
  • 75 gram suiker
  • Kaneel (ik nam een kleine koffielepel)
  • Zout

Melk halve minuut in de microgolfoven lauw laten worden. In kneedmachine gieten. 250g bloem erbij.1 (opgeklopt) ei toevoegen. Kneedmachine in werking stellen voor 5 minuten. 
In  de kneedmachine nu de rest van de ingrediënten bijvoegen: 75 g suiker, rest bloem (250g), 100g boter, zout, kaneel en gist. Alles samen opnieuw 10 minuten laten kneden.
Doe wat bloem op je werkblad en leg het deeg erop en bol het op (niet meer kneden!). Leg het opgebold deeg in een kom waarvan de bodem bedekt is met wat bloem en dek de kom af met een vochtige doek. 20 minuten laten rijzen in een oven van 40 graden.
Deeg uit kom halen en uitrollen tot ongeveer 1 cm dikte. Figuurtjes uitduwen. Bakpapier op bakplaat leggen. Figuurtjes op bakpapier leggen, opnieuw 20 min laten rijzen, bedekt met vochtige handdoek, in oven op 40 graden.
Deeg uit oven halen. Nu oven tot 230 graden laten opwarmen. Als oven bijna warm genoeg is, deeg zachtjes bestrijken met opgeklopt ei. Als oven zijn temperatuur heeft, deeg bakken 15 minuten. (Ik nam 220 graden omdat mijn oven niet tot 230 gaat). 😊


maandag 2 oktober 2017

Inkijk in mijn gedachten

Maandagmorgen, 06.40 uur. Ik word wakker door de zachte klanken van mijn wekker. Een rustgevend melodietje luidt het sereen begin van een nieuwe dag in. Toch het voelt niet goed. Ik kom uit een diepe, aan één stuk durende slaap en hoe vreedzaam het muziekje ook klinkt, ik schrik ervan. Ik heb moeite om mijn arm naar de wekker toe te bewegen. Het lukt me juist. Daarna komt mijn arm krachteloos op het donsdeken terecht. Ik doe mijn ogen dicht.

            Oh nee, mijn keel wordt zwak. Het spreken wordt onmogelijk.
            Nu mijn armen en mijn benen! Verdorie toch!
            Nu zal het zeker niet lukken om op te staan.
            Ok, vooral rustig blijven en letten op je ademhaling. Straks wordt het beter.
Straks merkt manlief de zwakte op, dient hij me medicatie toe en komt alles gauw goed.

Vijf minuten later hoor ik de wekker aan de andere kant van het bed. Ik lig er bewegingsloos bij. Hoewel ik weet dat ik ’s morgens het bed niet vroeg uit moet, doe ik het toch. Ik hou van regelmaat en structuur. En maak ook graag het ontbijt klaar, al is het maar om het manlief wat gemakkelijker te maken. Nadien kan ik een hele dag rusten. Maar vandaag zal het me niet lukken!

            Zou ik medicatie nodig hebben of geraak ik er zo door?
            Oh, ik ben zo moe.
Ik vrees dat de kracht me ontbreekt om zelfs medicatie in te haleren.
Hoe laat is het? Tien voor zeven!
Ok, in het slechtste geval ligt ik hier zo nog een uur.

Manlief denkt dat ik slaap en gunt me mijn rust. Het dekt me zachtjes toe en verlaat de kamer.
‘Tot deze namiddag,’ hoor ik hem zeggen. Ik kan jammer genoeg niet reageren. Eenmaal hij de slaapkamerdeur achter zich dichttrekt, weet ik dat het wat meer tijd zal kosten om uit de verlamming te geraken.

            Denk vooral aan je ademhaling, via je buik!
            Komt dit nu opnieuw door de wekker?
Gisteren heb ik eten klaargemaakt. Nochtans het ging goed. Was de inspanning toch te zwaar?
Of lag het aan de groentesoep? Of aan de amandelkoekjes? Ik nam toch die extra pil!

Het geluid van de wekker heeft me al vele keren een verlamming bezorgd. Ik ga ervan uit dat de schrikreactie de spieren ineens doet samentrekken waarna de ontspanning bij me veelal stroef verloopt. Wakker worden zonder wekker betekent dan ook een wereld van verschil. Nochtans lukt het me soms wel. En die tegenstrijdigheid zorgt, terwijl ik er verlamd bijlig, voor de nodige analyse.

Betreft het dan niet alleen het schrikken op zich?
Heeft kalium er toch iets mee te maken?
Indien ja, dan moet ik toch medicatie nemen!
Gisteren misschien toch te veel gedaan of toch verkeerde dingen gegeten?

Opnieuw kijk ik naar de klok, het is kwart na zeven. Ik weet dat enkel geduld en tijd me verder zullen helpen. Ik probeer nogmaals mijn ogen te sluiten maar het CPAP masker dat ik opheb, begint me te storen. Het afdoen lukt me niet, dus nog even volhouden.

Ok, ik ben er bijna. Ik voel het!
Ai, mijn spieren verkrampen.
De spastische bewegingen beginnen. Goed. Nu zal het niet lang meer duren.
Hoe laat is het? 07.50 uur. Yes, ik ben er bijna.
Toch maar proberen de Ventolin spray te nemen? Ja, gelukt! Oef.

Om 08.15 gaat het wat beter. Ik ben nog steeds zwak, dat wel, maar niet meer verlamd. En dan komt een glimlach op mijn gezicht. Ik ben blij voor de nieuwe dag! Hoopvol dat het straks nog beter zal gaan, neem ik de traplift naar beneden.
Nala loert vanonder de tafel naar me, Nelson heeft zoveel te vertellen. Ze volgen me tot in de keuken en hopen op een extra snack.
Ik haal er de kaliummeter bij en die geeft met zijn hoge waarde aan dat ik op het randje van een nieuwe verlamming sta.
De tafel is gedekt, de koffie staat klaar. Het voordeel van deze morgen niet krachtig genoeg te zijn.😊

            Het wordt een rustdagje.
            Misschien schrijf ik wel iets voor mijn blog.
            Zo slecht heb ik het toch niet, ik kan bezig zijn met wat ik graag doe!
            De zon schijnt zelfs!

Zo komt op het onverwachts een nieuwe blog tot stand.
Ik wens iedereen een fijne dag toe!





maandag 11 september 2017

Nala, ons dartel meisje

Ik begrijp het niet! Nala’s mandje in het salon blijft leeg! Zelfs in het gehele huis valt ze zelden te bespeuren, behalve in de veranda waar ze zicht heeft op de tuin.  Ze prefereert sinds maanden de vrije natuur! Na een vlugge hap van haar kattenkorrels en een paar likjes water, zet ze het via het tuinpad op een rennen. Ofwel springt ze op de stenen tafel in ons grasperkje om van daaruit de vogels te bespieden, of ze flaneert op de scheidingsmuur van onze tuin om contact met de kat van de buurvrouw te zoeken, of ze vlucht via het kattenluik het tuinhuis in. Daar staat natuurlijk ook een mandje, goed om even bij te komen van haar nachtelijke escapades. Het is aannemelijk dat ze daar haar toevlucht neemt, vooral omdat een zacht weliswaar versleten hoofdkussen haar verblijfplaats siert. Maar ik mis haar in huis!




Het begon in mei, op het ogenblik dat de verandadeur op een kier kwam te staan waardoor ze vrij spel had om te kiezen waar ze haar tijd wou doorbrengen. Ons dartel meisje koos voor de zuivere lucht, en ik kan haar geen ongelijk geven. Echter haar mand binnenshuis is haar blik niet meer waardig. Soms onderneem ik een poging en zet ik haar al strelend in haar vroeger zo vertrouwde plekje. Ze apprecieert die aaitjes wel en uit spinnend haar genoegen tot mijn hand zegt dat het genoeg is geweest en daarna zet zij het terug op een lopen.

Nelson daarentegen trekt zich niets aan van zijn vrolijk, rondhuppelende moeder. Bij het ochtendgloren geniet hij volop van een goed vullend ontbijt waarna hij zijn stekje in het salon opzoekt om er vrijwel onmiddellijk in een diepe slaap te vallen. Ik geloof dat hij er ’s nachts een heuse vriendinnenkring op nahoudt! Half elf is dan weer een mooi uur om zijn pootjes te strekken. Ook vindt hij het de gepaste tijd om zijn alweer knorrend maagje te stillen met de nog resterende korrels uit zijn eetbakje. En daar wordt hij natuurlijk moe van.




Vanzelfsprekend waagt ook hij zich uit zijn mand, wel eerder richting zetel dan naar buiten toe. Het dekentje dat op mijn benen ligt, lijkt hem zo aanlokkelijk. Voor me zittend of als ik niet snel genoeg reageer met zijn voorpootjes op het salon rustend, maakt hij me duidelijk dat hij dichter bij me wilt komen. Een kat kan je niet veel leren maar hij begrijpt wel dat tikken op het deken ‘ja’ betekent en luidop ‘neen’ zeggen nu even niet wil zeggen. Ah, ik hou zo van die kleine, lieve man!

Nala heeft het te druk om bij mij te liggen. De vele vogels, de kat met het belletje, de witte poes van de buren… het is een heuse taak om alles in het oog te houden. Terwijl Nelson overdag languit in zijn mandje ligt, houdt Nala buiten trouw de wacht. Misschien werken ze wel in een ploegensysteem en ligt Nala ’s nachts lekker op haar zachte kussen terwijl Nelson zelf de buurt onveilig maakt!